๐ฆ๐ฃ๐ฅ๐๐๐ ๐๐ ๐ช๐๐๐ฅ๐๐๐๐ โ ๐ ๐๐๐ฅ ๐๐ข๐ ๐๐๐ง ๐๐ก ๐๐๐๐๐๐
โGij zult uw naaste liefhebben als uzelven.โ
โ Mattheรผs 22:39
Dat geldt รณรณk wanneer wij met iemand spreken over het geloof. Misschien juist dan wel in het bijzonder.
Als wij gesprekken voeren over de Schrift, laten wij dat dan doen in liefde. Niet aanvallend, niet boos en niet met stemverheffing. Wij kunnen de waarheid niet in het hart van een ander drukken. Hoe harder wij dat proberen, hoe groter de kans dat iemand zich afsluit en het gesprek alleen maar strijd voortbrengt.
Paulus schrijft:
โMaar de dienstknecht des Heeren moet niet twisten, maar vriendelijk zijn jegens allen, bekwaam om te leren, en die de kwaden kan verdragen; met zachtmoedigheid onderwijzende degenen, die tegenstaan; of hun God te eniger tijd bekering gave tot erkentenis der waarheid.โ
โ 2 Timotheรผs 2:24-25
Let erop wat hier staat: wij mogen onderwijzen en getuigen, maar het is God Die bekering en erkentenis van de waarheid geeft.
Wanneer iemand die zich christen noemt onze Heere Jezus Christus niet als God erkent, heeft het dan zin om onze stem te verheffen en de waarheid door te drukken? Nee. Wij mogen laten zien wat de Schrift zegt, maar wij kunnen de ogen van een ander niet openen. Dat is niet aan ons.
Wanneer anderen zeggen dat de gemeente in de plaats van Israรซl is gekomen en dat het natuurlijke Israรซl heeft afgedaan, mogen wij hen wijzen op Gods Woord. Maar ook dan kunnen wij niemand buiten de werking van God om van gedachten doen veranderen.
Weer anderen stellen de leer en overleveringen van hun kerk boven de Schrift. Zij geloven bijvoorbeeld in de kinderdoop of hechten meer gezag aan belijdenisgeschriften en kerkelijke tradities dan aan hetgeen zij zelf in Gods Woord lezen. Ook daarover mogen wij spreken en samen de Schrift onderzoeken. Maar dwang, boosheid en hoogmoed brengen niemand dichter bij de waarheid.
โMaar de waarheid betrachtende in liefde, alleszins zouden opwassen in Hem, Die het Hoofd is, namelijk Christus.โ
โ Efeze 4:15
Wanneer wij werkelijk de Schrift onderzoeken, moeten soms ook onze eigen gedachten, gevoelens en oude leringen worden bijgesteld. Dat valt niet altijd mee. Het vlees houdt graag vast aan wat vertrouwd, gemakkelijk en comfortabel is.
โWant het vlees begeert tegen den Geest, en de Geest tegen het vlees; en deze staan tegen elkander.โ
โ Galaten 5:17
Daarom moeten wij niet alleen tegen een ander zeggen dat hij zichzelf moet onderzoeken. Ook wijzelf moeten bereid blijven om alles aan Gods Woord te toetsen. Niet onze opvoeding, onze kerk, onze gevoelens of onze eigen gedachten zijn de maatstaf, maar de Schrift.
De mensen in Berea werden daarom geprezen:
โEn dezen waren edeler dan die te Thessalonica waren, als die het Woord ontvingen met alle toegenegenheid, onderzoekende dagelijks de Schriften, of deze dingen alzo waren.โ
โ Handelingen 17:11
Toch zullen velen dit onderzoek niet willen doen. Soms omdat de waarheid gevolgen kan hebben voor hun comfortabele leven, hun vertrouwde omgeving of alles wat zij altijd hebben geloofd. Maar ook dan is het niet aan ons om te dwingen.
Wij mogen vertellen.
Wij mogen waarschuwen.
Wij mogen de Schrift openen.
Wij mogen in liefde antwoorden.
Wij mogen voor hen bidden.
Maar uiteindelijk is het God Die het hart kent en het verstand opent.
โIk heb geplant, Apollos heeft nat gemaakt; maar God heeft den wasdom gegeven. Zo is dan noch hij, die plant, iets, noch hij, die nat maakt, maar God, Die den wasdom geeft.โ
โ 1 Korinthe 3:6-7
Dat bewaart ons voor hoogmoed รฉn voor moedeloosheid. Wij hoeven niemand met onze eigen kracht te overtuigen. Wij mogen slechts getrouw zaaien en begieten, in liefde en zachtmoedigheid.
De uitkomst is aan God.
โZijt altijd bereid tot verantwoording aan een iegelijk, die u rekenschap afeist van de hoop, die in u is, met zachtmoedigheid en vreze.โ
โ 1 Petrus 3:15
God alleen kent de harten. Wij niet.
Laten wij daarom de waarheid nooit verzwijgen, maar haar ook nooit als een wapen gebruiken. Spreek duidelijk, spreek getrouw, maar spreek bovenal in liefde.